Het ras

Uiterlijk en de vier kleurslagen

Blenheim cavalier king charles spaniel staand in een tuin
Foto: Antoine91 — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

De bekendste kleur

De hond op de foto is een blenheim: kastanjebruine vlekken op wit, met de aftekening op het hoofd waar liefhebbers op letten. Het is de kleur waar de meeste mensen aan denken bij dit ras, maar er zijn er vier, en ze komen alle vier bij beide rassen voor.

Blenheim

De bekendste kleur: kastanjebruine vlekken op een parelwitte ondergrond. De naam verwijst naar Blenheim Palace, waar de hertogen van Marlborough deze honden fokten. Gewenst is een symmetrische aftekening op het hoofd met een witte bles, en veel liefhebbers letten op de lozenge: een kastanjebruine vlek midden op de schedel.

Tricolour

Zwart met wit en met tanaftekening boven de ogen, op de wangen, aan de binnenkant van de oren, onder de staart en op de poten. De verdeling zwart-wit is het duidelijkst zichtbaar op het lichaam; de tan komt pas van dichtbij goed uit.

Black and tan

Volledig zwart met dezelfde tanaftekening, zonder wit. Deze kleur wordt in het Engels ook wel king charles genoemd, wat de verwarring tussen de twee rassen verder voedt. Wit in de vacht is bij deze kleurslag niet gewenst volgens de standaard.

Ruby

Eenkleurig kastanjerood zonder wit. Een enkele witte vlek komt voor en wordt in de show als fout gezien, al zegt het niets over de gezondheid van de hond. Ruby's en black and tans worden samen de heelkleurige varianten genoemd.

De vacht

Beide rassen hebben een zijdeachtige, matig lange vacht die glad of licht golvend mag zijn, maar niet krullend. Bevedering zit aan de oren, de achterkant van de benen, de borst en de staart, en groeit door tot de hond een jaar of drie is. Trimmen hoort niet bij het ras; alleen de haren tussen de voetzolen worden bijgeknipt.

Bouw en beweging

De standaard vraagt om een hond die vrolijk en vrij beweegt, met een rechte rug, goed gehoekte achterhand en een staart die in beweging vrolijk wordt gedragen. Overdrijving is bij dit ras juist ongewenst: te veel vacht, een te kort hoofd of te grote ogen zijn geen kwaliteit maar een risico.

Wat een standaard wel en niet zegt

Een rasstandaard beschrijft hoe een hond eruit hoort te zien, niet hoe gezond hij is. Een perfect afgetekende blenheim kan een ernstige hartaandoening hebben en een hond met een scheve bles kan kerngezond zijn. Voor wie een huishond zoekt in plaats van een showhond, is de aftekening dus het minst belangrijke onderdeel van de keuze. Wat wél telt aan het uiterlijk zijn de zaken die met gezondheid samenhangen: een niet te kort hoofd, ogen die niet uitpuilen en een hond die vrij ademt.